De Groen(s)te Tuin

“Onze start was natuurlijk vliegend, maar nu moeten we onszelf bedruipen”

Het is even zoeken, want grote borden die de weg wijzen hebben ze niet, maar dan heb je ook wat. In de Venneperhout, een jong natuurgebied van Staatsbosbeheer, vind je De Groen(s)te Tuin. De trots van Miriam Geurts, die met wat durf en een hoop zwoegen dit initiatief van de grond heeft weten te krijgen. En die met haar enthousiasme de hele buurt meekrijgt!

In haar blauwe overall loopt Miriam Geurts door DeGroen(s)teTuin, een tuin die zijn naam eer aan doet. Want hij is niet alleen groen, maar zit hij ook nog eens boordevol smakelijke groenten, fruit, kruiden en (eetbare) bloemen. En dat is te danken aan iedereen die zich hier inzet als vrijwilliger. Deze vrijdagmiddag is dat een groepje van ongeveer zeven dames én een paar hele enthousiaste kinderen. Terwijl de één de grond tussen de aardbeien schoffelt, maait de ander het gras van de paden. “Het is een droom die uitgekomen is”, vertelt Miriam trots. “Van jongs af aan ben ik gek op tuinieren en mijn hele volwassen leven eet ik voornamelijk biologisch.” In 2013 zette de gemeente Haarlemmermeer een wedstrijd uit voor Het Groenste Idee van de Haarlemmermeer. Het initiatief moest duurzaam zijn, CO2-reductie opleveren en zichtbaar in de wijk zijn. Miriam, die toen net zelf een moestuintje had en als vrijwilliger op een biologische buurtboerderij werkte, begon te dromen. “Een biologische buurtmoestuin, dat leek me wel wat. Ik heb een plan ingediend en een tijdlang niets vernomen. Tot ze me vroegen of ik een bijbehorende begroting kon opsturen. Eerst wilde ik afhaken; begrotingen, daar weet ik niets van. Maar vanuit het niets begon ik uiteindelijk toch het een en ander op te schrijven. De begroting kwam uit op 20.000 euro, dat leek me wel een heleboel geld. Daarnaast moest ik 5.000 euro aan crowdfunding bij elkaar krijgen, wat dankzij gulle giften allemaal is gelukt!”

“De activiteiten hier zijn altijd gezellig

Anneke (67):

“Tuinieren heb ik altijd leuk gevonden, maar groenten en fruit heb ik nooit in mijn eigen tuin gehad. Ik heb hier als vrijwilliger ontzettend veel geleerd over hoe je met planten om moet gaan, zo leuk! Het blijft experimenteren, zoals met de pluktuin die we hebben aangelegd. We organiseren ook regelmatig iets op de tuin of doen mee aan activiteiten in de buurt, waar we dan met een kraampje staan. En we houden proeverijen, met allemaal hapjes van producten uit de tuin. Het is altijd heel gezellig en die evenementen worden steeds beter bezocht!”

Iedereen leert!

Met die 20.000 euro konden we de tuin verwezenlijken. Na een korte zoektocht vond ik deze 4100 vierkante meter van Staatbosbeheer. Toen ik hier voor het eerst stond, dacht ik wel: ‘Okee, en nu?’ Maar ik ben gewoon begonnen, samen met mijn buurvrouw – die altijd in is voor iets nieuws – en een medevolkstuinder. We hebben een plan voor de tuin gemaakt, om te bepalen wat waar zou komen te staan. De grond hebben we laten spitten en frezen en daarna konden we beginnen met zaaien. Om de tuin heen moest een hekwerk komen, daar hebben verschillende vrijwilligers bij geholpen. Het leuke is dat iedereen leert; het eerste deel van de omheining is wat wiebelig, maar gaandeweg wordt hij steeds mooier en steviger. Het hek zelf hebben we met korting kunnen krijgen van een leverancier die ons zo een beetje wilde helpen. Ook de biologische mestcompost werd voor een deel gesponsord. Steeds meer mensen kwamen ons helpen. Een deel is als vaste vrijwilliger aangehaakt, en een deel komt af en toe wanneer het uitkomt. En dat is geweldig; het belangrijkste is dat iedereen het hier naar zijn zin heeft. Er zijn ook mensen die spontaan diensten en spullen aanbieden. En zo doet deze tuin precies dat wat ik ooit hoopte; hij vervult een belangrijke sociale functie in de buurt. Regelmatig organiseren we evenementen om die functie nog wat te versterken. Een Streekmarkt bijvoorbeeld, waarbij we diverse kraampjes hebben met groenten, fruit en andere producten uit de regio. En een dame die schilderworkshops in de buurt geeft, komt hier regelmatig schilderen met haar leerlingen.”

Twaalf soorten knoflook

Inmiddels is de tuin groener dan groen en staan de boerentenen, zwarte pietenbonen, brave hendrik en andere vergeten groenten er prachtig bij. “Natuurlijk gaat er ook wel eens iets mis. Met de spinazie hebben we niet veel geluk, die schiet heel snel door – waarschijnlijk omdat het hier zo droog is. Maar we blijven het proberen met telkens weer andere rassen. We proberen hier van alles uit, veel vreemde soorten.” Maar ook de bekende soorten zijn volop vertegenwoordigd. Aardappelen, pastinaak, koolrabi, wortelen, tomaten en maar liefst twaalf soorten knoflook. Maar ook fruit: de tuin heeft 1.250 gratis aardbeienplantjes van een lokale kweker gekregen, van vroeg- tot midden- en laatbloeiers. “Ik leer hier elke dag weer bij”, vertelt Miriam. “We hebben bijvoorbeeld wel last van muizen en mollen gehad, en ik had geen idee wat ik daaraan kon doen. Een vriendin vertelde me toen dat je de linten van oude videobanden tussen de planten kunt leggen om de dieren af te schrikken. Die linten glimmen namelijk enorm, en daar kunnen ze niet tegen. Ik zie het wel als een uitdaging om die beestjes te slim af te zijn!”

Toekomstplannen

Hoewel de tuin al aardig af lijkt, broeien de plannen nog volop bij Miriam. “We zijn nu bezig met het aanleggen van een bloemenpluktuin. Daar kunnen mensen zelf een bos bloemen bij elkaar plukken. En we maken een kippenhok. Daarvoor hebben we een subsidie gekregen toen we ons inschreven bij het Meerlandenfonds. Een belangrijk onderwerp voor de toekomst is hoe we alles gaan betalen. Onze start was natuurlijk vliegend, dankzij de subsidie die we hebben gekregen, maar die raakt een keertje op. Nu moeten we onszelf gaan bedruipen.”