De Meertuinders in Hoofddorp

‘De Meertuinders’ in Hoofddorp is al sinds 1982 een moestuinvereniging pur sang. Maar er zijn ambities; het nieuwe bestuur wil zich in de komende tijd gaan richten op ‘gezond, sociaal en duurzaam’ tuinieren. Dus werken met natuurlijke producten, eten uit eigen tuin stimuleren, meer betrokkenheid in de buurt creëren en duurzaam gedrag bevorderen.

“We gaan ons meer richten op ‘gezond, sociaal en duurzaam’ tuinieren”

Iedere zaterdagochtend komen verschillende leden van de volkstuinvereniging bijeen in het ‘clubhuis’ om er samen koffie te drinken. Op die ochtenden wordt van alles besproken; van de tuinopbrengsten en tuinieradviezen tot de verdere plannen voor het weekend. Een groep van ongeveer tien enthousiaste mannen en vrouwen behoort hier tot de vaste garde. De dames zorgen iedere week voor versgebakken lekkers bij de koffie.

Samen aan de slag

Ron Koek, voorzitter van het bestuur, is één van de vaste aanwezigen op de zaterdagochtend. Onder zijn bezielende leiding moet de moestuinvereniging meer structuur en meer binding met zowel de eigen leden als de buurt krijgen. “Het complex bestaat uit 253 tuinen van minimaal 50 en maximaal 170 vierkante meter groot, die aan zes lanen liggen”, vertelt hij. “We hebben alle tuineigenaren langs een laan samen verantwoordelijk gemaakt voor het onderhoud van de eigen laan en de onverhuurde tuinen. Ze komen een paar keer per jaar samen, overleggen over wat er gebeuren moet en plannen samen een of meerdere dagen in om aan de slag te gaan.” “Wij hebben onlangs onze laan opnieuw bestraat”, vertelt Alice Tukker, wiens tuin aan de Aardbeienlaan ligt. “Door die bijeenkomsten en het samenwerken leer je de mensen om je heen ook meteen beter kennen, dat is erg leuk.” Ron vult haar aan: “Het is een nieuwe manier om de ‘werkplicht’ invulling te geven. Het liefst zouden we die groepstaken op deze – vrijwillige – manier blijven invullen, maar als er te weinig animo voor blijkt, moeten we iets anders verzinnen. De komende tijd zal dat uitwijzen.” “Het was leuk om te zien dat iedereen zijn rol pakte”, zegt Alice. “Wie niet kon sjouwen, verwijderde het onkruid of hielp ergens anders mee.” “Wij verwachten dat dit enthousiasme op steeds meer leden overslaat”, vervolgt Ron, “en dat verplichte ingeroosterde werkbeurten daardoor achterwege kunnen blijven.”

Gele en rode kaarten

In het verleden is het bestuur nogal eens gewisseld, met alle gevolgen van dien. “Ik heb diverse besturen meegemaakt”, vertelt bestuurslid Mijndert van der Wal. “En de aanpak per bestuur wisselde nogal. Helaas hebben sommigen er een beetje een potje van gemaakt, omdat die wel erg veel gedoogden. Gelukkig hebben we nu een bestuur dat wat meer op de regels zit, dat een mooi en gezellig moestuincomplex tot doel heeft en grootsere plannen heeft voor de toekomst. “Om ervoor te zorgen dat iedereen die hier een tuin heeft, hem ook goed bijhoudt, houden we tweemaal per jaar een schouw. Eén keer in de zomer en een keer in de winter. Een van onze bestuursleden gaat dan samen met twee tuinleden – om vriendjespolitiek te voorkomen – de tuinen langs en controleert die op een aantal punten. Halen ze het minimale aantal punten niet, dan krijgt dat lid een gele kaart, vergelijkbaar met hoe dat bij voetbal gaat. Is de tuin het jaar daarop nog niet op orde, dan krijg je een rode kaart en moet je het complex verlaten. Op die manier willen we bereiken dat we hier alleen maar actieve tuinders hebben, die iets van hun tuin maken. Vervallen en volledig overwoekerde tuinen proberen we zo te voorkomen. Door het strakkere beleid hebben we in het afgelopen jaar wel van een paar mensen afscheid moeten nemen. Ook zijn de regels iets verscherpt. Je mag hier bijvoorbeeld niet een tuin hebben voor de handel. Er waren leden die slechts één gewas teelden; dat mag niet meer. We willen hier mensen hebben die tuinieren voor hun plezier en voor eigen gebruik of voor zichzelf, familie en vrienden.”

Het hele jaar eten uit de tuin

Wie met regelmaat uit zijn moestuin wil eten, moet daar de nodige tijd in steken. Charles Valent is daarom meerdere keren per week op de tuin te vinden. “Ik werk bij de bloemveiling en begin daar heel vroeg ’s ochtends. Als ik ’s middags klaar ben met werken, ga ik eerst even tuinieren. Ik heb nu drie tuinen van honderd vierkante meter – dat is het maximale aantal tuinen, dat iemand hier mag hebben – en kan het hele jaar door mijn eigen groenten en fruit eten. Ook in de wintermaanden! Sommige groenten, zoals kool, zijn ‘s winters heel goed te bewaren in de schuur. En bieten bewaar ik in de aarde, die blijven zo maanden goed. Daarnaast kun je ook heel veel invriezen.” “Ik kom hier het liefst in de ochtend”, vertelt René Mulders. Hij heeft sinds ongeveer drie jaar een drietal tuinen bij de Meertuinders. “Beetje zaaien, planten, schoffelen en oogsten natuurlijk. Mijn broer is beroepstuinder in Noord-Holland en hij probeert ieder jaar als eerste de nieuwe aardappelen te oogsten. We maken er een soort wedstrijdje van, ik probeer hem altijd de loef af te steken met mijn mini-oogstje hier! Naast groenten heb ik ook veel bloemen; waaronder gladiolen, tulpen en narcissen. Regelmatig neem ik een bosje uit de tuin mee voor thuis.” “Ik ben een beetje aan het experimenteren met laagstam fruitbomen”, vertelt Ron. “Met pruimen, peren en appels onder andere. Ik probeer ze laag te houden; dat is fraaier voor de tuin en is een stuk makkelijker plukken. Maar het is lastiger dan ik van tevoren gedacht had, er groeiden het eerste jaar nog niet veel vruchten aan!” Een moestuin is wel heel bewerkelijk”, merkt Charles op. “Met een kas in je tuin moest je zeker drie keer per week langskomen. Maar gelukkig zijn veel mensen hier zo behulpzaam dat ze graag een handje helpen als iemand op vakantie of ziek is.”

Verduurzamen

“Omdat we zagen dat sommige nieuwe leden het tuinieren na een half jaar ploeteren opgaven, hebben we besloten hier iets aan te gaan doen”, vervolgt Ron. “We zullen deze leden in het eerste jaar actief volgen. Na een aantal weken gaan we met ze om tafel om te bespreken waar ze zoal tegenaan lopen en waar wij kunnen ondersteunen. We gaan ook intake- en exitinterviews houden met nieuwe en aftredende leden, om zo een beter beeld te krijgen van hun beweegredenen en bevindingen. Via onze website proberen we zo veel mogelijk te ondersteunen door informatie te verstrekken. Ook willen we meer naar buiten treden, dus ons gezicht laten zien in de buurt, op scholen, bij andere verenigingen. Dit als onderdeel van ons sociale plan. Daarnaast willen we een verduurzamingsslag maken. Die moet onderdeel worden van ons plan om het tuinieren breder te trekken dan voor eigen voedselvoorziening alleen. Daarom hebben we een verkennend overleg met Natuur- en Milieucentrum Haarlemmermeer gevoerd. We hopen dat zij ons kunnen informeren over hoe we dit het beste kunnen aanpakken. Doe je dit bijvoorbeeld complexbreed of is dat niet haalbaar? En hoe kunnen we meer doen in samenwerking met onze omgeving? We organiseren hier twee keer per jaar samen met de tuinvereniging Groei & Bloei een plantenruilbeurs en staan we af en toe met een promotiestand op wijkfeesten en in tuincentrum GroenRijk. Ook onderhouden we goede contacten met toeleveranciers van pootgoed, zaden, mest, compost en andere tuinbenodigdheden. Een aantal producten kopen we met een aantrekkelijke korting collectief in. En als we groenten en fruit over hebben, brengen we die naar de Voedselbank. We doen dus al wel het één en ander, maar ik zou het graag wat meer georganiseerd willen zien. Dat het echt onderdeel is van wie we zijn. En dat we ons meer naar buiten richten dan we nu doen. Hopelijk kunnen we zo méér mensen enthousiast maken voor het moestuinieren en kunnen we onze kennis en producten vaker met anderen delen!”