Experimenten met een strobaalmoestuin

“Ik was verbaasd over het weinige werk dat ik aan mijn moestuin had”

Als je in het bezit bent van een dakterras of terrein met arme grond, kan een strobaalmoestuin een uitkomst zijn. Tuinieren op strobalen is gemakkelijk: zonder spitten of graven plant je eenvoudig de zaailingen in een strobaal. Met als grootste pluspunt: geen onkruid en afval. Maar hoe ga je precies te werk? En welke planten voelen zich lekker in een strobaal? Stadstuinieren zocht het uit.

Daktuin van Diederik Theunissen

Daktuin van Diederik Theunissen

Strobalen op een daktuin

“Het is dé ideale manier om op een plat dak een moestuin te beginnen”, zo vertelt Diederik Theunissen, professioneel kok en stadstuinier. “Het is lichtgewicht, gemakkelijk en goedkoop.” Vorig jaar begon hij met een aantal strobalen op het platte dak van zijn keuken. Diederik vertelt hoe hij op het idee kwam om een strobaalmoestuin aan te leggen: “Mijn oud-collega en vriend Iljitsj IJsebrands liet mij een artikel zien in een tuinblad. Geen idee meer welk blad het was. Het artikel ging in het algemeen over tuinieren in strobalen in Amerika, door Joel Karsten. Ik had al langer het idee om een moestuin op mijn keukendak aan te leggen, omdat wij de tuin op de begane grond vooral als bloementuin wilden gebruiken. Ik had de moestuin nog niet aangelegd, omdat het veel en kostbaar werk was om bakken te maken en aarde ernaar toe te slepen. Het artikel bracht me op het idee om strobalen voor de daktuin te gaan gebruiken. En zo ging ik pionieren met mijn moestuin in strobalen.”

Strobaalmoestuin 2Composteren en bemesten

Tuinieren in strobalen is eigenlijk niet veel anders dan tuinieren in potten, zo legt Joel Karsten uit op zijn website Strawbale Gardens. In feite gebruik je de strobaal als een soort container. Na het composteren en bemesten van de strobaal, zet je je plantjes simpelweg in het stro. De natuur doet de rest. Het mooie van deze techniek is, dat je het overal toe kunt passen: in elk klimaat en ieder seizoen. Het prepareren van de strobalen is echter wel heel belangrijk, want daar halen je groenteplantjes hun voedingsstoffen uit. Het is dus zaak om daar op tijd mee te beginnen.

“Twee à drie weken lang ben je elke dag bezig met mest en water”, zo vertelt Diederik verder. “Het duurt in totaal een maand voordat je een zaaibed kan maken of planten in de strobalen kunt stoppen. Als de strobalen eenmaal aan het composteren zijn, hebben ze nog een keer per week mest en een beetje kalk nodig. Dit strooi je op de balen en sproei je bij het geven van water in de strobalen. De mest die ik gebruik is een complete korrelmest van kippen, runderen, bloedmeel en beendermeel.”

strobaalmoestuin 13

Mediterrane planten

“Toen ik begon, had ik geen moestuinervaring. Ik wist alleen hoe je tomaten moest dieven. Of bepaalde planten het goed deden vanwege hun plek in de zon of halfschaduw of omdat ze in strobalen stonden, durf ik dus niet te zeggen. Ik ben nu in gesprek met verschillende mensen/bedrijven over de samenstelling van een strobaal en waarom welke planten het daarom goed zouden kunnen doen. Ik was wel verbaasd over de oogst en het weinige werk dat ik aan de moestuin had. Vooral de mediterrane planten deden het geweldig, zoals tomaten, courgette, pepers en paprika. Bosui, prei en rucola deden het minder goed. Maar wat ik zeg, misschien was het de plek in de daktuin?”

Keuzes maken

Moestuinieren in strobalen is nog niet zo bekend in Nederland, maar het is zeker een experiment waard. Als we aan Diederik vragen wat hij dit jaar anders gaat doen, antwoordt hij: “Ik heb geleerd dat je goed moet kiezen welke planten je plant. Een beetje divers als je graag kookt, maar vanwege de grootte van de tuin kies ik ook vooral planten waar je veel van kunt oogsten: tomaatjes, courgette, pepers, paprika’s. Ook gemakkelijk om recepten bij te vinden en lekkere dingen mee te maken. Wil je vooral een economische moestuin dan kun je beter veel kruiden plaatsen. Die blijven in de winkel altijd prijzig. Terwijl jouw cherrytomaatjes ook voor een dubbeltje in de winkel liggen als jij ook kunt oogsten.”

Tweehonderd stuks

Paul van Hedel – urban designer uit Eindhoven – kan over het succes van een strobaalmoestuin meepraten. Begon hij twee jaar geleden met een stapel strobalen in zijn voortuin te experimenteren, vorig jaar legde hij een enorme buurttuin aan in Eindhoven. In Stadstuin De Bergen werden op een dag maar liefst tweehonderd strobalen afgeleverd. “Ik ging helemaal los”, vertelt Paul enthousiast. “Ik maakte er van alles van: van moestuintjes tot meubels en een vijver. Ik gebruikte verschillende opstellingen, ook in oude appelkratten. Het was een experiment in samenwerking met de gemeente Eindhoven om de stad groener en eetbaar te maken. Binnen enkele weken ga ik starten met een groot Strawbale Rooftop Garden Project op Strijp S in Eindhoven. Er wordt daar een nieuwe stad in een stad gecreëerd: Plug-In-City. Daar moet je tegen juni maar eens komen kijken ….wordt vast érg leuk!”

Strobaalmoestuin 12Water

Geen onkruid, geen gesjouw met grond en een goede opbrengst: als we de ervaringen optellen, is het telen op strobalen dus een uitkomst. Maar gezien de reacties die we op verschillende tuinblogs lezen, gaat het niet overal van een leien dakje. Zo schrijft Diana op Diana’s mooie moestuin dat haar planten helemaal niet zo groot werden als verwacht. Ze kocht tien strobalen, gaf ze water en mest en begon in februari met het experiment. Helaas deden haar planten het helemaal niet zo goed en bleef de oogst uiteindelijk ver achter: “Dat laatste kan ook voor een deel mijn eigen schuld zijn geweest”, zo schrijft Diana. “Want met alle bovengenoemde ervaringen was ik er wel klaar mee, toen ik zag dat planten niet goed groeiden, durfde ik er ook geen bijzondere, mooie of lekkere planten meer in te planten. Ik heb wel degelijk mijn best gedaan met water geven, maar eind juni had ik er simpelweg geen vertrouwen meer in. En zo stopte ik op een gegeven moment ook met water geven.”

Op vakantie

Als we aan Paul van Hedel vragen hoe dat komt, vertelt hij dat water inderdaad belangrijk is, net als in een ‘gewone’ moestuin. “In mijn voortuin begon ik met tien strobalen. Na het composteren begon ik met aanplanten van courgettes, aardbeien en boontjes. Vervolgens ging ik drie weken op vakantie. Niet zo handig dus met een moestuin. Maar ik had er iets slims op verzonnen: door mijn kliko onder de regenpijp te plaatsen, had ik regenwater verzameld. Met een irrigatieslang, een tijdklokje en pomp werden mijn strobalen in de vakantie van water voorzien. Toen ik terug kwam, was er een heel microklimaat ontstaan, echt geweldig! De kikkers sprongen in het rond!” Volgens Paul kunnen je strobalen echt niet teveel water krijgen: “In die zomer had het ook nog eens behoorlijk geregend, maar strobalen raken niet zo snel overwaterd.”

Strobalenmoestuin voortuin Paul van Hedel

Strobalenmoestuin voortuin Paul van Hedel

Strobalenmoestuin voortuin Paul van Hedel

Strobalenmoestuin voortuin Paul van Hedel

De strobalenmoestuin volgens Paul

Kies een zonnige plek (minimaal 6 uur zon per dag)
Gebruik je veel strobalen, leg ze dan in rijen van noord naar zuid, zodat beide zijden door de zon kunnen worden beschenen.
Ben je bang voor een slakken-invasie? Strooi een flinke laag zaagsel (minimaal 5 centimeter dik en een meter om de strobaal heen). Dat is voor slakken een flinke barrière! Bij Paul zaten de slakken allemaal op de stoep (en in de tuin van de buurvrouw).
Bedek de bovenkant van de strobaal waar niets is gezaaid met zand of houtsnippers, tegen verdamping van het water.
Maak een aardappeltoren van strobalen, gegarandeerd succes!
Geef genoeg water!

Experimenteer!

Alles wat je aandacht geeft, groeit. En dat geldt dus ook voor een strobaalmoestuin! Zowel Diederik als Paul hebben dit seizoen hun strobalen alweer in vol ornaat geplant. Beiden putten uit hun ervaring van vorige jaren, maar noemen ook het boek en de website van Joel Karsten als inspiratiebron. Wil je je moestuinhorizon verbreden? Begin met 1 of 2 strobalen, surf nog een beetje rond voor informatie en experimenteer!

Stadstuinieren 2015-03 Tekst: Susan Lambeck | Fotografie: Diederik Theunissen, Paul van Hedel en Diana’s mooie moestuin