Groene portretten: Spruitkool

Ik moet bekennen dat ik heb getwijfeld of ik iets over spruitkool zou kunnen schrijven… van alle soorten groenten is dit namelijk de enige die ik niet lekker vind. Ook al is het super gezond: ik koop ze niet, eet ze niet en heb ze slechts één keer gekweekt in eigen tuin. Dit laatste was niet zozeer voor mezelf als wel voor mijn vriend, maar ik moet er eerlijkheidshalve bij zeggen dat ik er niet bijzonder rouwig om was toen er een kolonie rupsen op de planten bleek te huizen.

“Vogels hebben vooral belangstelling voor de blaadjes van jonge spruitkolen”

Spruitkool (Brassica oleracea) is onderdeel van de kolenfamilie en wordt geteeld voor de eetbare knoppen (de spruitjes) die in de bladoksels van de planten groeien. Deze knoppen zien er uit als piepkleine kooltjes en worden in het Engels “Brussels sprouts” genoemd. Deze verwijzing naar het Belgische Brussel is terug te vinden in meer talen: in het Frans heeft men het over “Choux de Bruxelles” en in het Afrikaans over “Brusselspruit”. De link met de Belgische hoofdstad is niet zo vreemd; in de 13e eeuw kweekte men namelijk al spruitjes in de streek rondom Brussel.

Spruitkolen zijn forse planten en het duurt vrij lang voordat je kunt oogsten. Mocht je ruimte beperkt zijn, dan is dit iets om in overweging te nemen, tenzij je helemaal weg bent van spruitjes! Er zijn zaadjes voor groene en paarse varianten te krijgen, welke je van februari tot half april kunt zaaien. Als je onder glas wilt voorzaaien, doe je dat in februari en zaai je liever direct buiten in de volle grond, dan kun je dat beter in maart of april doen. Afhankelijk van het ras en het moment van zaaien, kun je van augustus tot en met maart oogsten.

Voedzame en goed bemeste grond is geen overbodige luxe voor spruitkolen, het zijn hongerige planten. Het is niet onmogelijk om ze in potten of bakken te kweken, maar dan zul je regelmatig extra voeding moeten geven. Gedroogde koemest werkt prima, net als wormenthee en compost. Verder is het belangrijk om in droge periodes voldoende water te geven en om de jonge plantjes van het begin af aan te beschermen tegen vogels, vlinders en rupsen. Dit doe je door fijnmazig net over het groentebed te spannen. Zo krijgen vlinders geen kans om eitjes op de bladeren te leggen en blijven vogels van de planten af. Als de kolen dan wat groter zijn (ca. 40 cm hoog) kun je het net verwijderen. Vogels hebben vooral belangstelling voor de blaadjes van jonge spruitkolen.

Het oogsten doe je als de spruitjes een mooie maat hebben en nog dicht zijn. Pluk ze in de volgorde van rijping: van onderen naar boven.


Recept:  Salade met rauwe spruitjes

Het schrijven van dit artikel betekende natuurlijk wel dat ik in de keuken aan de slag moest met mijn alles behalve favoriete groente! Één ding was zeker: ik zou ze niet gaan koken. Want alleen al de weeë lucht van gekookte spruitkool staat me tegen. Er moest toch een manier van bereiden zijn die mijn mening over spruitjes kon veranderen? Stomen? Smoren? Roerbakken? Roosteren? Dit is namelijk allemaal mogelijk. Tot mijn grote verbazing bleken rauwe spruitjes de oplossing te zijn: verwerkt in een eenvoudige salade met wat geroosterde walnoten, stukjes sinaasappel, geraspte Pecorino kaas en een dressing van olijfolie, citroensap, mosterd en honing!


Stadstuinieren 2015-01 – Tekst en fotografie: Stella Faber