Taco’s Stadsmoestuin: Januari en februari

“Ik heb zelfs geen kamerplanten, behalve wanneer ze eetbaar zijn”

Ik doe eigenlijk niet zo veel in de tuin deze weken. Ik loop wat rond en ruim hier en daar wat op. Ik maak plannetjes en verwerp deze weer. Snoeien doe ik liever in voor- en najaar, als de wonden snel dichtgroeien. Een aantal zaken die ik me had voorgenomen om op te ruimen, staan er nog en inmiddels denk ik dat ze binnen afzienbare tijd tóch weer nodig zijn. Winter in de moestuin is een tijd van rust.

Buiten staan nog boerenkool, palmkool en spruiten.

Buiten staan nog boerenkool, palmkool en spruiten.

Het weer bepaalt of er nog iets gedaan kan worden. Ligt er sneeuw, dan kan er niets anders dan dromen. Bij vorst kan je de laatste prei, spruiten of boerenkool oogsten. Natuurlijk kan je in dit seizoen bomen en struiken planten en hagen aanleggen, maar in een stadsmoestuin hebben we daar zelden ruimte voor. Meer nog dan het weer, ben ik zelf de oorzaak van de rust in de tuin. Ik heb gewoon nog geen zin, en waarom zou ik, want over een paar weken gaat alles veel makkelijker en sneller.

Nog even niks

Straks, ja straks, dan kunnen we weer mesten en spitten. Het gereedschap staat schoon en scherp klaar in de schuur. Of moest ik dat nou nog doen..? De potgrond van vorig jaar staat klaar voor hergebruik en zal ik mengen met compost, kalk en wat droge koemest voor een volgende ronde. Binnenkort komt mijn zadenbestelling weer binnen, bijna net zo leuk als pakjesavond! Hoewel je weet wat er uit de doos komt, is ieder zakje weer een verrassing. “O ja, die kleine tomaatjes.” ”Ik ben benieuwd naar deze sla.” ”Heb ik dit nu weer besteld, dat lukte toch nooit.. Nou ja, maar weer proberen.” In februari zaai ik spitskool voor onder glas en leg ik tuinbonen. In maart leg ik de peultjes in de volle grond en komt het pootgoed van aardappels, sjalotjes en uitjes binnen, dan start het seizoen weer. Maar nu..?

Er staat nog wel wat buiten, palmkool, boerenkool en spruiten. Onder glas staat nog wat veldsla en de knoflook groeit langzaam maar gestaag door. De raapsteel en rucola die ik tot ver na kerst kan oogsten, is vrijwel op, maar er staat nog wat kervel en winterpostelein. In het tomatenkasje staan allerlei planten die niet tegen strenge vorst kunnen. Rabarber, verveine en een perzikboompje in pot. Daartussen leeft de cavia ‘s winters in een dik pak strooisel en stro. Alleen als het vriest, kruipt hij in z’n geïsoleerde nachthok. Op zonnige dagen graast hij op het gras en hij heeft een voorkeur voor paardenbloem en daar ben ik dan weer blij mee.

Binnen tuinieren

bladspinazie, gember en citroengras in de vensterbank.

bladspinazie, gember en citroengras in de vensterbank.

Binnen op de vensterbank staan citroengras en gemberblad, voor geurige thee, en een overgebleven plant basilicum. De klimspinazie groeit rustig door, maar maakt net zoveel zaad als blad. Om eerlijk te zijn ben ik niet zo’n binnenteler in de winter. Ik heb zelfs geen kamerplanten, behalve wanneer ze eetbaar zijn. In de winter is de daglengte te kort om al te gaan zaaien en het duurt nog lang voordat je zaaisels naar buiten kunnen. Wachten dus. Wel haal ik voor de winter een aantal kruiden binnen om er van te kunnen blijven oogsten. Over een paar weken wordt het weer vol achter het raam. Ik zaai dan kapucijners en peultjes voor en vanaf maart ook tomaat en peper, komkommer, courgette en veel meer.

Vóór die tijd moet ik nog wel even aan de slag, want de gordijnen moeten korter gemaakt. Nu hangen ze tot op de grond, maar blijft alle warmte er achter. De ruimte tussen gordijn en raam wordt dus heet, terwijl de kamer geen warmte krijgt nadat de gordijnen dicht zijn. Hierdoor heerst er boven de vensterbank een raar ‘klimaat’ met hete droge avonden en dagen op kamertemperatuur. Dat is geen goede zaai-omgeving. Ik heb geprobeerd de discipline op te brengen om de gordijnen iedere avond achter de verwarming te stoppen, maar dat doe ik toch niet. Het staat ook lelijk, dus kunnen ze beter ingekort tot de hoogte van de vensterbank.

Seizoensgroenten

Hoewel er dus maar weinig verse oogst is uit de tuin en vensterbank, eten we ook dit seizoen heerlijk. Prei, pompoen, aardappels, knolselderij, peen, pastinaak, ui en rode biet in soepen, ovenschotels en heel soms stamppot. Allemaal zoete, voedende smaken. Nasi is hier in huis een wintergerecht met fijngesneden kool, prei, peen en knoflook, op z’n Hollands dus. Als blaadjes zijn er winterpostelein en veldsla, af en toe witlof en radicchio of roodlof. Die laatste wil ik komend jaar wel weer zelf telen, want in de winkel vind ik hem raar prijzig. Mijn persoonlijke favoriet is roodlof met peer, blauwschimmelkaas en gebakken amandelen. Knapperig en zacht, pittig, bitter en zoet, heerlijk! We maken ook salades met fijngesneden spitskool en de kinderen zijn dol op geraspte wortel met rozijnen. In de vriezer zitten nog aardbeien en bessen, voor lekkere smoothies of toetjes, en suikermaïs. De maïs eten we naast wraps, gevuld met bonen, peper, knoflook, prei en veldsla of koolsla. Ik heb een keer geleerd dat gember, rode pepers en knoflook geweldige ‘medicijnen’ zijn tegen kwalen als griep, verkoudheid, neerslachtigheid en vermoeidheid. Ze zijn prima te bewaren en geven smaak en pit aan onze winterse gerechten.

Kleurige kiemen

Kiemen Tuinkers

Kiemen Tuinkers

Met de kinderen zaai ik regelmatig wat tuinkers, die ik vervolgens allemaal zelf op moet. Ze vinden het mooi, maar niet lekker. We maken soms een leuke knutsel van internet, een eierschil met een gezichtje met ‘haar’ van tuinkers, maar de ‘recht voor z’n raap’ manier werkt het best. Het pittige blaadje groeit prima in een champignonbakje met een doorzichtige deksel, met daarin vochtig toiletpapier.

Omdat ik zomers regelmatig zelf groenten vermeerder, houd ik van een aantal gewassen veel te veel zaden over. Ik zeef dan de zaden en bewaar de grootsten om te zaaien. Omdat ik het toch zonde vind om de kleine zaadjes weg te gooien, laat ik de lekkerste soorten ervan kiemen. We eten de kiemen in salade of op een boterham met kaas, net als zomers de rucola. Op dit moment staat er tuinkers, rode boerenkool en paarse raapsteel. Dit worden allemaal pittige kiempjes, waarbij de paarse soorten ook nog een kleurig accent geven.

Twijfel en strijd in de voortuin

Aan het einde van de zomer was ik vastbesloten dat ik de voortuin op zou geven en er geen groenten meer zou zetten. Er komen zoveel naaktslakken van onder de heg dat het onbegonnen werk is om ze te vangen. Het doorlopende geklooi met biervallen begint me ook tegen te staan. Ik weet inmiddels dat bepaalde slakkenkorrels onschadelijk zijn, maar veel effect zag ik nog niet afgelopen seizoen. Maar toch, inmiddels heb ik er wel weer knoflook geplant en waar moet ik anders mijn bonentoren kwijt?

Mijn stukje volkstuin vind ik eigenlijk te ver weg voor gewassen die je elke dag moet plukken. Hoewel, voor de aardbeien fiets ik graag heen en weer… Wat als ik daar nu ook hele vroege boontjes zet, zodat ik die tegelijk kan plukken tot eind juni? Wie weet, als het weer meewerkt en we een warm voorjaar krijgen. De doordragende klimbonen kunnen dan misschien toch in de voortuin, de slakken komen pas in het vochtige najaar. Nog even piekeren dus, wie weet komen er nog nieuwe inzichten. Gelukkig heb ik nog even om te beslissen, want winter in de moestuin is vooral een tijd van rust.

 

 

 

 

Stadstuinieren 2016-01 Tekst en fotografie: Taco IJzerman