Start je moestuin: De indeling

“Een mooie vorm en aanleg zorgen ook in de winter voor een mooi beeld”

De indeling

De basis maten om een tuin mooi én praktisch in te richten:

de ruimte die een gewas nodig heeft,
de maat van het gereedschap waarmee je werkt en
de (gemiddelde) lengte van je armen, benen en voeten.

 

Schermafbeelding 2015-10-19 om 15.21.12Vakken, bedden, paden en rijen
Het stuk tuin dat je beschikbaar hebt om in te kweken, verdeel je onder in verschillende vakken. Dit maakt het overzichtelijk en maakt het mogelijk om vruchtwisseling toe te passen.

Een vak bestaat uit één of meer bedden. Een bed is de ruimte tussen twee paden. De breedte van een bed is maximaal 120 cm omdat we niet verder dan 60 cm kunnen reiken met onze armen en je het best niet tussen de planten staat. Wanneer je wat kortere armen hebt is 100 cm een betere maat. Wanneer de grond die je wilt benutten breder is dan 120 cm dan komen er dus meerdere bedden, met een pad er tussen.

Wanneer je gehurkt werkt is een padbreedte van 30 cm (ongeveer een voet) voldoende. Werk je op je knieën, dan heb je wat meer ruimte nodig en wordt je pad 50 tot 60 cm breed. Om er met een kruiwagen bij te kunnen is 60 cm ook een fijnere breedte.


In de r
ij staan
In een bed zaai of plant je de gewassen in rechte rijen. Dit is handig om schoon te houden en om alle verschillende gewassen de ruimte te geven die ze nodig hebben. De afstand ‘in de rij’ duidt op de afstand tussen de planten in dezelfde rij en de afstand ‘tussen de rijen’ is de ruimte tussen twee rijen.

Bietjes, rucola en raapsteel kunnen op zo’n 3 cm in de rij gezaaid worden, waarbij je ze later uitdunt tot één exemplaar per 10 cm. Een krop sla, andijvie of een groenselderij heeft 30 cm tussen de rijen én 30 cm tussen de planten ‘in de rij’ nodig, terwijl knolvenkel, peterselie en andere kruiden aan 20 cm voldoende hebben.

Schermafbeelding 2015-10-19 om 14.47.21Tussen de rijen
Als je overzichtelijk en ‘recht toe recht aan’ wilt kunnen schoffelen, dan zijn lijnen in de lengte van het bed handig, met een tussenruimte van 30 cm of 50 cm. Je kan dan lopend, ‘naast je’ schoffelen. Bij een bed van 120 cm breed heb je dan resp. 1, 3 of 4 rijen en bij een bed van 1 meter: 1, 2 of 3 rijen.

  • bedden voor sla, kruiden, uitjes, biet en andere fijne groenten: 30 cm tussen de rijen
  • bedden voor kolen, aardappels en lage bonen: rijen op 50 cm afstand van elkaar
  • courgettes en pompoenen: één rij per bed.

Wanneer je graag vanuit het pad werkt, dan kies je korter gereedschap en zijn rijen dwars op het pad het meest praktisch. Je hebt dan korte rijtjes groenten en kruiden, van 100 of 120 cm, wat een heel gevarieerd beeld geeft. De afstand tussen de rijen is hetzelfde als in langere rijen.

Hoewel veel tuinders het al geprobeerd hebben, werken ronde lijnen niet handig voor de eenjarige teelt. Schoffelen en rakelen gaat het eenvoudigst recht.

Gereedschap
Bij staand tuinieren, schoffelen en rakelen, heb je tuingereedschap nodig met een lange steel.
Wanneer je op je knieën, gehurkt of zittend werkt, dan is een korte steel praktisch. Ik zelf heb bedden van 120 cm breed, waar ik maar van één kant bij kan. Hier heb ik dus rijtjes die haaks staan op het pad en een kinder-drietand van zo’n 70 cm lang om tot achterin tussen de rijen te kunnen rakelen. Ik heb een paar plankjes klaarliggen van zo’n 15 x 30 cm, die ik tussen de rijen kan leggen om met mijn hand op te steunen, of om even met een voet op te staan zonder de aarde te veel te compacteren.

Praktisch en mooi
Schermafbeelding 2015-10-19 om 14.49.39Een mooie vorm en aanleg zorgen ook ’s winters, als de tuin veel kaler is, voor een mooi beeld. Ook het materiaal dat je gebruikt is van invloed op het ‘winterbeeld’.

Een stadsmoestuin zal, in tegenstelling tot een moestuin verder van huis, vaak meerdere functies vervullen. Met beperkte ruimte is het vaak kiezen tussen een stukje gazon, een werk-, speel- of zitplek of tóch nog een kruidenbed.

In de meeste tuinen liggen de bedden en paden op gelijke hoogte. Langzaam zullen de bedden wat hoger worden, omdat er meer lucht en organisch materiaal in komt, en de paden worden wat lager, omdat deze aangelopen worden. Je kan de paden af en toe wat ophogen met zand of arme tuingrond van elders, of je harkt de tuin ieder voorjaar vlak, na de grondbewerking, waardoor het hoogteverschil niet te groot wordt.

Je kan het hoogteverschil tussen bed en pad ook juist versterken door planken, dakpannen of tegels rechtop naast de bedden te zetten. Verhoogde bedden zijn praktisch om zwaardere gronden te ontwateren en wat vroeger te laten opwarmen. Ook hoef je minder diep te bukken wanneer de paden wat dieper liggen dan de bedden. De paden bedek je bijvoorbeeld met grove houtsnippers, zodat ze niet te vochtig en modderig blijven.

Schermafbeelding 2015-10-19 om 15.25.15Verhoogde bedden
Wanneer je vanuit een (rol)stoel werkt, heb je flink verhoogde bedden of bakken nodig. Hierbij is 60 cm een mooie hoogte. Natuurlijk zijn er dan ook veel bredere paden nodig. Voor een koks-kruidentuin koos ik ook deze hoogte zodat de koks, zonder veel bukken, in hun schone keukenwit konden oogsten en de kruiden tegelijkertijd schoner bleven. Voor zittende tuiniers kan een verticale (muur)tuin ook een uitkomst zijn, in combinatie met grote potten of kuipen op hoogte.

Schermafbeelding 2015-10-19 om 15.24.52Ronde tuinen
Een sleutelgat-tuin is een leuke vorm voor een tuin tot zo’n 2,5 x 2,5 meter. Je werkt dan van binnenuit en rondom. Het rondje in het midden heeft minimaal een meter doorsnede, zodat je er tenminste je …. kunt keren. Een variatie op deze ronde vorm is de kruidenspiraal, waarin je vanaf de rand werkt, en een paar stapstenen het midden bereikbaar maken.

 

 

Stadstuinieren 2014-06 Tekst: Taco IJzerman