Taco’s Stadsmoestuin: juni en juli (1)

Taco's stadsmoestuin Radijs

Steeds groener wordt het in de voor en achtertuin. Voorbijgangers vragen zich af of het wel gaat passen. De vensterbanken lijken straks eng leeg, als alles naar buiten verhuist is. Toch ook wat tomaten binnen?

 

“Volgend jaar gebruik ik dan de aarde uit potten met éénjarigen voor de aardappels en tomaten”

Het risico op koud voorjaarsweer of nachtvorst bepaalde de afgelopen weken onze zaai-activiteiten in grote mate. Een late vorstnacht kon in deze periode veel schade aanrichten aan bloesem en beschadigt (te) vroeg uitgeplante warmte minnende planten als tomaat, komkommer, sperzieboontjes, mais, courgette en basilicum. Te vroeg binnen gezaaide planten worden lang en slap en leveren dan minder gezonde planten op. Natuurlijk kon je, zeker dit voorjaar, in een luwe hoek wel wat risico nemen en de meeste planten kunnen wel wat kou hebben.

Kievitsbonen, sperziebonen en nog meer bonen

Maar nu, na de ijsheiligen, kunnen we volop buiten aan de slag. Lage (struik- of stam-)boontjes kunnen vanaf begin mei gelegd worden en de stok- of klimbonen volgen na half mei. Wij hebben in de voortuin een prachtige bonentoren gemaakt, van een fietsvelg op een paal, met 12 touwtjes tot op de grond. Hier leggen we verschillende bonen bij: malse snijboontjes, de roodbloeiende pronkbonen, de mooie kievitsbonen en paarse en groene sperziebonen: onze favoriet is Mechelse tros. De paarse sperzieboon is een eigen kruising tussen de groene ‘Cobra’ en een paarse stokboon, die we de afgelopen 10 jaar in eigen tuin hebben geselecteerd.

Kruiden en eetbare bloemen

Met de komst van het warmere seizoen verandert de ‘inhoud’ van de platte bakken. De radijs, raapsteel en spinazie eten we gauw op, zodat er ruimte komt voor komkommers, tomaten, basilicum, rucola, okra, pepertje en meer. Precies op tijd want de vensterbank stond vol met zaailingen van deze gewassen en ook zonnebloem, suikermais en pompoen. Ook in het kasje staan groenten, kruiden en eetbare bloemen, in twee zaaitrays, (bijna) klaar om buiten uitgeplant te worden. Prei, spitskool, sjalotten en andijvie staan al vanaf eind maart buiten, zij kunnen prima tegen wat kou. Sla en lente-uitjes staan, bijna oogstbaar, onder glas en in een plantenbak tegen een warme muur.

In een klein hoekje zetten we de ‘drie zusters’: suikermais, een pompoen en klimbonen. Deze bonen leggen we wat later, zodat de mais een voorsprong heeft en een klimrek voor de boontjes wordt.

Bloedpeer, heilig boontje en rattenkeutels?

Mijn entwerk is prima gelukt! Ik heb nu dus een kleine jonge collectie, met name roodvlezige, appels en peren en zoete perziken. Ik vond een 2e hands voorraad grote potten, waarin ze een paar jaar kunnen groeien, tot ik misschien een ruimere plek voor ze vind. De potten zijn voorlopig nog erg groot voor de kleine boompjes, dus zetten we er rode pepertjes en een aantal lage bonen bij. Ik heb een aantal historische, geweldig leuke, maar weinig productieve, droogboontjes met oude namen zoals: orka- of koeboon, rattenkeutel, heilig boontje en de Friese gele woudboon. We hebben de potten gestapeld in een ‘piramide’ van drie etages. Dit scheelt ruimte en we hopen over een paar weken op een soort ‘waterval’ van groen.

De hoogte in / verticaal tuinieren

De aardappels groeien prima in hun toren, de aarde is nu al tot zo’n 60 cm hoog aangevuld en het loof piept er binnen de kortste keren weer bovenuit. Na de oogst zal ik de aarde zorgvuldig zeven en opslaan in de potgrondzakken, want er is een enorme voorraad aarde nodig om de toren te vullen! Ook de potten vragen veel aarde, ruim 30 liter per stuk. Volgend jaar gebruik ik dan de aarde uit potten met éénjarigen voor de aardappels en tomaten en de aarde van aardappel en tomaat voor de éénjarigen, fruit en bonen. Ondertussen maak ik bladaarde en compost om niet te veel extra te hoeven aanvoeren.

De drie druiven hebben al flinke scheuten, ik laat ze om de 20 cm staan, de rest breek ik weg. De blijvende scheuten bind ik komende weken aan de trellis (lat- of roosterwerk) tegen de muur.

taco-201403_kromkommer-in-vensterbankKromkommer in de vensterbank

Geïnspireerd door alle het leuke groene geknutsel op internet, hebben wij een komkommer in een fles voor het raam hangen. Het ziet er mooi uit. De komkommer maakte al gauw een mooie krul, om toch omhoog te groeien, en heet nu dus “kromkommer”. De fles verhuist waarschijnlijk binnenkort wel naar buiten, want onze constructie voorkomt niet dat de fles, na het water geven, een beetje lekt. We hebben gelukkig voldoende ruimte voor tomaten en komkommers in het kasje.

Hoewel… ook de okra en de kousenband moeten daarin groeien. Het vergt veel zelfbeheersing om niet te veel zaden te gebruiken per soort. Met de meeste gewassen heb ik me ingehouden, van de tomaten en paprika’s heb ik er weer veel te veel. Alle vrienden en kennissen die binnenkort jarig zijn, kennen dus al hun cadeau 🙂

Er staat binnen trouwens ook weer wat nieuw zaaigoed: basilicum, Stevia (honingplantje) en wat eenjarige bloemen. Dat ik ook de bloemen voor zaai, heeft toch te maken met de katten die geen zaaibed ongestoord laten. De groenten staan veilig achter of onder gaas, maar dan vind ik uitplanten makkelijker. In de kasjes zaai ik natuurlijk wel direct. De nieuwe rijtjes rucola en uit te planten sla doen het prima.

Actieve verwondering

Mijn dochter merkte pas lachend op dat ik echt over iedere zaadjes dat kiemt, elke keer weer even enthousiast ben en ik had het bakje vol peper-zaailingen al wel 10 x laten zien. Ik vrees dat het waar is, en ik schaam me er niet echt voor. Al voor zolang ik weet ben ik blij met groen en groei. Zeker niet op alle vlakken een kenner, vaak wel genietend en nieuwsgierig. Ook na 15 jaar professionele teelt wordt dit niet minder. Ik ben iedere keer weer verwonderd over wat er in zo’n zaadje verstopt zit aan vorm- en groeikracht, steeds weer blij met de worteltjes aan stekgoed en ieder voorjaar weer enthousiast over pril nieuw blad en bloesem.

Bont en blauw

Er staan trouwens niet alleen maar groenten, kruiden, fruit en eetbare bloemen in mijn tuin. Vooral in de voortuin staan ook ‘gewoon’ bloemen. Om de mogelijkheden hier een beetje beperken, koos ik blauw als thema: blauwe lupine, Jakobsladder, zwarte bes, blauwschokkers (kapucijners) tegen het hekje, blauwe Irissen, blauwe hibiscus, een donkerpaarse vlinderstruik, een lichtblauwe Clematis tegen het poortje en een blauwe muskaatdruif tegen de muur. Lavendel, tijm, rozemarijn en een paar hosta’s bloeien dan lila, dat past ook wel. Voor volgend jaar plan(t) ik nog wat anemonen, blauwe druifjes, sneeuwroem, blauwe voorjaarsster en krokussen rond het vijvertje. Voorlopig ben ik eerst heel benieuwd hoe het er deze zomer uit zal zien.

In de achtertuin wordt de zonkant in beslag genomen door de kas en platte bak. Aan de schaduwkant plantte ik, achter de kruiden tegen het schutting, een aantal gladiolen en er stond al vingerhoedskruid en stokrozen. Over gladiolen las ik ergens dat ze (al) in Romeinse arena’s werden gebruikt om de overwinnaar te huldigen. Zo wordt de uitdrukking: “de dood of de gladiolen” wel heel letterlijk! Dat gladiool verwant is aan het Latijnse woord Gladius, wat zwaard betekent, lijkt me een geloofwaardiger reden voor dit verhaal. De bloem heet ook wel zwaardlelie. Wat je ook van gladiolen vindt, ze geven geweldig kleur aan dit stukje schaduw. We hopen dat een aantal zonnebloemen zo goed groeit dat ze over de schutting heen kunnen ‘kijken’. Hoewel ze dan naar de zuiden, en dus de buren, gericht zijn, kunnen we wél de mooie draaiing van de bloem zien waarmee deze bloemen de zon volgen.

 

 

 

Ik volgde in het verleden de cursus Selectie in Boerenhand, waarbij ik mijn ‘school-biologie’ weer flink kon oppoetsen, zodat ik aan de slag kon met kruising en selectie van groenten. Binnen het telers netwerk Eeuwig Moes, proberen we een collectie oude Nederlandse land- en tuinbouwgewassen in stand te hand door deze te vermeerderen. Op internet vind je de Oranje Lijst van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland waarin de gewassen die hier sinds 1850 geteeld werden staan vermeld. Een geweldige lijst met de mooiste (streek-)namen, waarvan een deel van de rassen nog te krijgen is en dus ook in jullie tuin kan! Nu ik weer praktisch bezig ben met het enten van fruitbomen, kan ik me weer verder verdiepen in (het snoeien van) leifruit, voor tegen muren en hekken. Natuurlijk komt deze kennis ook buiten mijn eigen tuin van pas, op het landgoed waar ik interim tuinbaas ben en op het biologische tuinbouwbedrijf waar ik dit seizoen werk.

 

Stadstuinieren 2014-03 – Tekst: Taco IJzerman