Barbarakruid kweken en oogsten

Sommige planten en bomen zet je in je tuin omdat je er goede herinneringen aan hebt. Zo voeren kersenbomen, vlierbessen- en aalbessenstruiken mij altijd terug naar mijn jongste kinderjaren en representeren artisjokken een paar hoogzomerse weken bij een tante in Zuid-Frankrijk.

De meeste planten belanden echter om andere redenen in je tuin. Barbarakruid (Barbarea vulgaris) ben ik bijvoorbeeld gaan kweken omdat de naam me intrigeerde.

Barbarakruid is vernoemd naar Barbara van Nicomedië, een heilige uit de tweede eeuw na Christus. Barbara was een zelfstandige jonge vrouw die zich tegen de wil van haar vader in tot het Christendom bekeerde. Toen hij daarachter kwam, onthoofdde hij haar en werd kort daarna dodelijk getroffen door de bliksem. Een pittig verhaal achter de naam van een pittig smakend plantje met verschillende geneeskrachtige kwaliteiten.

Barbarakruid kweken in pot

Je kunt Barbarakruid ook in het wild vinden, maar het heeft zo z’n voordelen om de plant in je tuin te zetten. Hij staat namelijk bekend als een “natuurlijke insectenbestrijder”, dus behalve dat je de blaadjes en de gele bloemen kunt eten, heb je ook nog eens een handige tuinhulp aan dit kruid. In potten en bakken doet Barbarakruid het prima, zolang je maar zorgt voor voedzame grond, een plek in de zon of halfschaduw en voldoende water op droge dagen. Voeg als het kan wekelijks een scheutje brandnetelgier toe aan het gietwater om de stikstofvoorraad in de aarde op peil te houden.

Zaaien voor de winteroogst

Afhankelijk van wanneer je de blaadjes wilt oogsten, kun je Barbarakruid in april en mei of in augustus en september zaaien. Ik kies eigenlijk altijd voor de tweede zaaiperiode, omdat je dan de hele winter door van de plant kunt genieten. Hij is immers zeer vorstbestendig en wordt niet voor niets ook wel ‘winterkers’ genoemd.


Koken met barbarakruid

De blaadjes van Barbarakruid zijn heerlijk in salades, maar je kunt ze ook gebruiken als alternatief voor spinazie.

Recept: spaghetti met barbarakruid

  1. Kook zoveel spaghetti als je nodig hebt.
  2. Laat ondertussen wat fijngehakte knoflook (ik gebruikte twee teentjes) kort bakken in een grote koekenpan of wok met olijfolie.
  3. Voeg er twee handen Barbarakruidblaadjes aan toe en hussel alles om.
  4. Als je ervan houdt, kun je er nog wat zout en peper overheen strooien.
  5. Laat het geheel vooral niet te lang op het vuur staan. De blaadjes zijn op hun lekkerst als ze nog een beetje knapperig zijn.
  6. Meng tot slot de spaghettislierten door het groen en verdeel alles over de borden.
  7. Met wat vers geraspte Parmezaanse kaas (of Pecorino) is dit een heerlijke lunch of avondmaaltijd!

Stadstuinieren 2017-04  Tekst en fotografie: Stella Faber